Archive for the ‘Uncategorized’ Category

Dewa Warung

dewawarung

Tijdens het verblijf van Tina in Ubud hadden we ons tot doel gesteld om in zoveel mogelijk warungs (lokale eettentjes) te lunchen.
Dewa’s Warung was er daar één van. Hoewel gelegen in Jalan Gotama, een zijstraat van Jalan Raya Ubud, de hoofdstraat, is deze warung met de auto niet zo makkelijk te bereiken. Het straatje is  smal en je mag er maar in één richting doorrijden. 
Toevallig (of niet) is dit eettentje eigendom van de oom van onze chauffeur Dewa. 
Hij heeft zelf nog in de keuken gewerkt en raadde ‘Kip met cashew noten en gember’  aan. Je krijgt er boontjes, witte rijst en sambal bij. Erg lekker en het kost je slechts Rp 17.000 of €1.36. Net iets meer dan het Bintang biertje dat ik  erbij dronk (Rp 15.000).
Het interieur is heel basic. Je kijkt uit op een kleine toko (winkeltje) – zie foto onderaan. 
Dankzij een vermelding in de ‘Lonely Planet’ doet Dewa’s oom goede zaken.
Een leuke ontdekking.

tokoi

The S’s and the F’s

Hierna volgt een uittreksel uit de correspondentie met een gast die op 21 April bij ons aankomt. Om de privacy van de gast te respecteren heb ik de namen onherkenbaar veranderd. Je zal merken dat D. ongerust is. D’s vrouw en familieleden zijn ongerust om precies te zijn. Ze stellen zich vragen over de veiligheid op Bali.  Terrorisme, vulkanen en aardbevingen, daar zijn ze vooral bang voor. Wanneer ik dan deze morgen wakker werd en het B.B.C nieuws hoorde met betrekking tot de schietpartij in Alphen aan den Rijn, vroeg ik me toch even af waar je nog veilig bent.
En of je daar überhaupt mee bezig moet zijn.

____________________________________________________________

Hello Dirk,

Thanks for your help. The S’s and F’s will be arriving in Ubud Bali On April 21 for 6 nights with you. We are all excited about coming to Bali and staying with you. We are coming from Muscat Oman and will be arriving on Qatar #638 at 19:05 at Denpasar Bali Ngurah Rai. Is it possible to have someone waiting at the arrival hall to meet us and transport us to your Villa? 4 adults with luggage!

I have already booked one day at Paon cooking school for all of us. Do I need to book other Rafting  and Cycling tours before we come or can we do it while we are there? What do you think?

Light summer clothes i assume are what is called for.

I see that a driver is arranged for us for staying the three day minimum. Hopefully they can show us around a little. Any other tidbits of information we need?

Thank you for your help!!

D. S.


From: Villa Sabandari [info@sabandari.com]
Sent: Tuesday, April 05, 2011 3:15 PM
To: D. S.
Subject: RE: Sabandari Contact Form

Hello D.,

Thanks for your message.

Words of wisdom? From me? I doubt it… One needs to be wise for that in the first place which I certainly am not ;-)

Terrorism: I have not seen or heard of any threat in the past years. The Balinese themselves are Hindu and I haven’t experienced any violent behavior or fundamentalist attitude from any of them. Furthermore Ubud has never been a target. We are in the centre of the island and nothing ever happened here in the past. I think the danger of terrorist attacks or other violent encounters are much higher in the Middle East and North Africa at this moment.

Volcanoes: There has been very little activity in the past 10 years. If there is activity is has been very mild. We are at about 1 hour by car from the nearest volcano. I don’t see what the risk is in this case.

Earthquakes: We have had mild one’s from time to time. Nothing  compared to what happened in Japan or Aceh. No tsunami danger since we are at about 300 meters altitude and about 50 km inland.

I hope this will allow you to re-assure your travel companions.

We are looking forward to your stay at Villa Sabandari.

Best regards,

Dirk

_____________________________________________________________________

Van: D. S. [mailto:ds@abaoman.edu.om]
Verzonden: dinsdag 5 april 2011 18:10
Aan: Sabandari
Onderwerp: Sabandari Contact Form

The following message was posted via the Contact Form on the Villa Sabandari website.
IP Address: 85.154.42.62

Name

D. S.

Email

ds@abaoman.edu.om

Comment

Dirk:
We r booked to come in a few weeks time. The other couple and my wife are a little worried about the safety of the island right now. Terrorism-volcanoes- earthquakes??? Any thoughts on this and what can i do to re- assure them not to worry. Any words of wisdom??
Thanks
D. S.
Muscat Oman


[To save paper and trees, please don't print this email unless you really need to]

2/3 Belgische Vlag

belgianflag

Tropical View Café

Tropicalviewcafe3
Lunch bij ‘Tropical View Café’ in Ubud
Tropicalviewcafe2
Tropicalviewcafe1
 

Ibu Oka

oka2
Suckling Pig Lunch bij Ibu Oka in Peliatan
oka3
oka1

Café Wayan

cafewayan1
Lunch bij ‘Café Wayan’ in Ubud
cafewayan2
cafewayan3
cafewayan4

Doerian – deel 2

De heftruck stond in de tweede rij palletrekken en was daarom wat moeilijk te zien. Ik merkte wel dat de vorken helemaal naar boven waren geschoven en bijna tot tegen het dak kwamen. Een baal tapijten, of wat daarop leek kon ik tussen de niet volledig gevulde compartimenten van de eerste rij rekken zien bungelen. ‘Waar zijn ze nu weer in godsnaam mee bezig!’, dacht ik nog en ging erop af om hen te wijzen op de veiligheidsvoorschriften. De boosheid deed mijn bloed al sneller pompen nog voor ik de bewuste rij rekken bereikte. En dan zag ik hem hangen. Twee meter boven de grond bungelend aan een van de vorken van de heftruck. Een veiligheidsschoen met een stalen punt lag onder hem op de grond, uitgeschopt tijdens de laatste stuiptrekking wellicht.  ‘En hiervoor ben jij, en jij alleen verantwoordelijk!’ dacht ik,  terwijl op datzelfde moment  een gigantische golf schuldgevoel me overspoelde.

‘Waarom vloek je nou eigenlijk in je slaap?’ hoorde ik mijn vrouw verwijtend zeggen. Ze heeft een hartsgrondige hekel aan vloeken.
‘Niets, laat maar’, antwoordde ik ‘het was een nare droom. Ga maar weer slapen’.
Ik was in slaap gevallen, piekerend over hoe ik  het lijfgeurprobleem van mijn magazijnier moest oplossen. Dat had blijkbaar in mijn dromen flink doorgewerkt. Het was ook delicaat. Je wil iemand niet kwetsen maar aan de andere kant wil je ook  geen goede mensen verliezen. Tegen de ochtend had ik mezelf ervan overtuigd dat een ‘white lie’ de beste oplossing was.
Tijdens het roken van onze eerste sigaret legde ik hem uit dat we een goede kans maakten om in de toekomst ook aan IKEA Duitsland te gaan leveren. We moesten kunnen garanderen dat alle verpakkings- en palletiseringsvoorschriften strikt zouden nageleefd worden.  Ik gaf hem het advies om te rade te gaan bij zijn collega die verantwoordelijk was voor de Franse markt. Die wist perfect hoe aan de Franse winkels van IKEA moest geleverd worden en kon hem veel nuttige tips geven. zodat hij het lijvig leveranciershandboek niet integraal hoefde door te nemen. Hij ontspande zichtbaar. Toen hij op het punt stond te vertrekken gaf ik hem een deodorantroller  van het merk dat ik zelf ook gebruikte.
“Ik gebruikte vroeger ook een ander merk maar mijn vrouw kocht deze deodorant voor me”, zei ik. “Telkens wanneer ik in de tuin had gewerkt ergerde ze zich aan mijn zweetlucht. Met deze deo heb ik daar geen last meer van. Toen ik laatst in jouw kantoortje kwam rook het daar ook niet al te fris. Ga dit merk gebruiken na je ochtenddouche. Je vrouw zal vast zo blij zijn als die van mij”, voegde ik er met een knipoog aan toe. Hij bedankte me wel drie keer.
Ik heb er nooit meer iets over gehoord. Het zal dus wel geholpen hebben.
Het volgende stukje doerian sloeg ik beleefd maar kordaat af.

Doerian – deel 1

nodurians‘Nog een stukje doerian oom?’ vroeg Willy.
Het was duidelijk haar bedoeling om te testen of mijn goedkeurend gesmak bij het  proeven van het eerste stuk geen bluf was geweest. 
Ik knikte en stak de zachte massa in een keer in mijn mond. De vrucht smaakt wat zoetig, likeurachtig, een explosie van rijp geel fruit.
De geur is dan weer een ander verhaal.
Doerian, moet ik toegeven, stinkt.
In Singapore vind je verbodsborden waarop naast ‘no smoking’ ook ‘no durians’ staat.
Dat betekent toch al wat.
Maar een rijpe camembert verspreidt ook een bedenkelijk aroma en toch vind ik het lekker. Met een stuk knapperige baguette en een beetje beurre d’Isigny. Heerlijk.
Je moet openstaan voor nieuwe smaakervaringen houd ik mezelf steeds weer voor. Je stijgt ook vaak een paar treden op de acceptatieladder wanneer je eet wat de autochtonen eten.

Uit mijn eerste cursus Bahasa Indonesia herinner ik me een passage waarin de toerist zegt ‘Aduh, ini bau apa?’ (Sjongejonge, wat is dit voor een stank!) waarop de Indonesiër repliceert ‘Ini tidak bau pak, ini wangi durian, raja buah’  (Dit is geen stank meneer, het is de geur van de doerian, de koning van de vruchten).
Dat vat het zo’n beetje samen.
In het Nederlands heb je ook die nuances. Het parfum, het aroma, het boeket, de neus, de geur, de reuk, de stank.
Wat een aroma is voor de één is een stank voor de ander.

In mijn vorig leven had ik in dit verband een akkefietje met een van mijn werknemers.
Hij gaf me een eerder slappe, klamme hand. Wellicht was hij nerveus.
Het was voor het eerst sinds zijn indiensttreding als magazijnier, zo’n drie jaar eerder, dat hij in mijn kantoor kwam. Hij zat wat raar op het puntje van de stoel die nochtans erg comfortabel was, wat verend en met armleuningen. Zijn armen had hij hoog op de borst gekruist, zoals je zou verwachten van een scholier die bij de directeur  moet komen omdat hij iets mispeuterd heeft. Zijn haar zat in de war en er speelde een zenuwlachje om zijn mond.
Ik veegde ongemerkt mijn hand af aan mijn broekspijp.
De zaken gingen al een tijdje niet zo best en dat merkte hij natuurlijk aan de hoeveelheid verzendingen die hij moest klaarzetten. In het begin van zijn loopbaan in het bedrijf, was hij gewoon heftruckchauffeur en voerde hij uit wat de hoofdmagazijnier hem opdroeg. Al snel maakte hij promotie, werd verantwoordelijk voor de Duitse exportorders en kreeg een eigen kantoortje. Het doemscenario van een nakend ontslag spookte misschien wel door zijn hoofd.
Daarvoor had ik hem echter niet uitgenodigd. Hij was een harde werker, plichtsbewust en betrouwbaar bovendien. De zaken zouden nog veel slechter moeten gaan voor ik zijn ontslag zelfs maar zou hebben overwogen.
Dat wist hij natuurlijk niet.
De weeë geur had me intussen bereikt en ik bood hem een sigaret aan. Ik stak er zelf ook een op en was dankbaar voor de blauwe wolk die al snel tussen ons hing.
Precies een week daarvoor hadden er drie stoelen voor mijn bureau gestaan. Het was geen leuk gesprek geweest. De driekoppige delegatie vertegenwoordigde zowel de arbeiders als het kantoorpersoneel en ze hadden het onderhoud blijkbaar grondig voorbereid. Precies daarom was het geen leuk gesprek. Het miste spontaneïteit.
De oudste van het trio voerde het woord. De andere twee knikten op het juiste moment ja of nee al dan niet  vergezeld van instemmend of afkeurend gemompel. Het ging om een van de magazijniers zo bleek al snel. Die van de Duitse orders. Ze hadden nu lang genoeg gezwegen. Als er geen verbetering kwam zouden er goede werknemers hun ontslag geven want ze hielden het niet langer uit.
Ik vroeg hen toch iets specifieker te zijn.
‘Hij stinkt meneer, hij stinkt verschrikkelijk.’ Erg cru gesteld maar het was wel duidelijk.
Het bleek nog te harden in het magazijn, dat was een grote ruimte en ze kwamen niet te dicht bij hem in de buurt. Wanneer ze in zijn kantoortje moesten zijn of wanneer hij met documenten bij de mensen van de administratie kwam, was het niet uit te houden. In de zomer ging het nog, dan werden ramen en deuren open gezet om snel te luchten. In de winter bleef die lijfgeur heel lang hangen vertelden ze, de neuzen opgetrokken als was de man lijfelijk (nou ja) aanwezig.
Ik beloofde er werk van te maken maar besefte, toen de delegatie de deur uit was, dat ik geen flauw idee had hoe ik dit moest aanpakken.
Je kunt je er tenslotte niet van afmaken door onder vier ogen tegen de beste man te zeggen ‘Je stinkt kerel, doe daar wat aan!’

(wordt vervolgd)

Newsletter Tripadvisor

Tripadv20110309

Handjeklap

Bij het inchecken vraag ik de gasten om hun paspoort, maak een kopie en geef die, met Rp10.000/persoon, aan Dewa of Budi om de registratie te gaan doen op het politiekantoor. Vaak verwonder ik me dan over de geboortedatum van de gast. Bij de kennismaking heb ik al gauw de neiging, onbewust weliswaar, om mijn gesprekspartner in te delen in een bepaalde categorie en wat ik zeg, en hoe ik het zeg aan te passen aan die categorie.
Hoe zien die categorieën eruit?
1. Baby’s: ik heb de sterke neiging om rare geluidjes te maken, gekke bekken te trekken en in dikke wangetjes te knijpen. De tijdsgeest heeft me verplicht hier verandering in te brengen. Ik probeer me nu te beperken tot  een occasioneel raar geluidje en wat babyachtig gebrabbel. Dit alles vanop een veilige afstand. Je kan tegenwoordig niet voorzichtig genoeg zijn. Voor je het weet wordt je computer in beslag genomen op zoek naar niet koosjer fotomateriaal. Conclusie: Het is jammer dat een klein percentage perverten er in slaagt om het natuurlijk gedrag van de meerderheid te wijzigen.
2. Kinderen tot een jaar of tien: kunnen vaak leuk uit de hoek komen en verrassende uitspraken doen. Vroeger kon je dan leuke gesprekken voeren met kinderen in die leeftijdsgroep, en hen confronteren met inzichten die voor hen nieuw waren. Je kon die breintjes dan zien werken en soms kreeg je een blik van ‘Meentie dat nou, of istie me voor de gek aan het houden!?’. Challenging. Na Dutroux echter out of the question. Zelfde conclusie als bij punt 1.
3. Tieners en  adolescenten: Hier een duidelijk onderscheid tussen jongens en meisjes. Jongens: leuk om de confrontatie te zoeken tussen de vaak idealistische denkbeelden van de jeugd, en de wat behoudsgezindere, conservatievere, wellicht meer realistische kijk op de wereld van iemand die de leeftijd heeft van hun opa. Meisjes: veel moeilijker. Zien er vandaag de dag door kleding, make-up en gedrag vaak vijf of meer jaar ouder uit dan hun werkelijke leeftijd. Ik houd me liever wat meer op de vlakte. Ik ben Nabokov niet.
4. Twintigers en dertigers: schat ik vaak 10 jaar ouder in dan ze zijn. In mijn perceptie wel een stuk jonger dan ik. Geen beleefdheidsvorm nodig.
5. Veertigers, vijftigers en zestigers tot ong. 65: lijken me vaak ‘ongeveer mijn leeftijd’. Veertigers en zestigers weten dan ook vaak bij God niet waarover ik het heb. Dat leidt soms tot gênante situaties. 
6. 65 – 75: de ‘wat oudere’ mensen.  Zoals ooms en tantes ‘wat ouder’ kunnen zijn. Ik gebruik wel de beleefdheidsvorm en pas mijn gespreksonderwerpen aan. 
7. 75+: Oudere mensen: ik pas mijn gespreksonderwerpen nog meer aan en let erop dat mijn gesprekspartner me in de eerste plaats hoort, en indien dat het geval is,  ook begrijpt.
In zijn algemeenheid probeer ik onderwerpen als godsdienst,  normen en waarden, geld en politiek te vermijden. Niet enkel is het moeilijk om de leeftijd van een gast in te schatten, het is ook quasi onmogelijk om een idee te hebben van de visie van die gast op een aantal van die ‘te mijden’ onderwerpen. Onze gasten komen immers uit heel veel verschillende landen en culturen. Je wat op de vlakte houden is alweer de beste strategie.
PAARDENMARKT HEDELDe normen en waarden zijn sowieso bij de jongere generatie sterk veranderd. Ook bij bv. Belgen of Nederlanders die ik qua cultuur en opvoeding toch zou moeten begrijpen.
Dat klinkt wel weer erg ouderwets. Zo van “… in onze tijd was het toch beter”.  Maar dat zeg ik niet. Het was anders.
De generatie van mijn grootvader regelde de verkoop van een koe bij ‘handjeklap’ Voor mijn ouders en voor mijn generatie moest er toch wel wat op papier staan maar was een contract dan ook heilig en bindend. Bij de huidige generatie zie ik een  andere mentaliteit. Er mag dan al een contract zijn en er mag dan op een  bepaald moment consensus tussen partijen geweest zijn, als vandaag de situatie gewijzigd is en één van de partijen zich aan zijn verplichtingen kan onttrekken zal dat zonder scrupules ook gebeuren indien dat voordeel oplevert. Men redeneert dan “Waarschijnlijk zal het teveel kosten voor de ander om via gerechtelijke weg zijn gelijk te halen dus verticaal klasseren dat contract.” Men schaamt zich daar ook niet voor. Onbegrijpelijk voor mijn generatie, volstrekt normaal nu.
Voor mijn gevoel was het bijvoorbeeld positief wanneer een sollicitant niet veel vorige werkgevers had en bij elk van die werkgevers een lange tijd had gewerkt. Je was trouw aan je bedrijf. Dat hoorde zo. Vandaag is dat wel even anders. Als je wat in je marge hebt en je wil meer gaan verdienen, dan moet je vooral niet trouw zijn aan je werkgever. Dat wordt door die werkgever gebruikt om je minder te betalen dan een collega, uit wiens C.V blijkt dat zij/hij er niet voor terugschrikt om te ‘jobhoppen’. Een werkgever zal proberen een jobhopper aan zich te binden via een hoger loon en dat gaat dan maar ten koste van het loon van diegenen die oude adagium ‘Trouw aan het Bedrijf ‘ huldigen.   Je moet hard zijn, meedogenloos. Trouw is voor mietjes.   Zo iets.
Vroeger veegde iedereen zijn stoep en was de hele straat schoon. Nu denkt A. “Mijn buurman B. moet mijn stoep maar vegen als hij dat zo belangrijk vindt. Ik heb een drukke baan en hij is gepensioneerd. Trouwens ik heb er geen last van, ik ben toch bijna nooit thuis en er is bovendien geen wet die mij verplicht dat te doen dus f*ck off.”
De sociale cohesie en controle zijn weg, geen wij- maar een ik-gevoel, vaak de schaamte voorbij.  
Vroeger was het anders; meer zeg ik niet.