Ubud, Bali Hotels and Resorts
foto: dining room van Villa Sabandari in Ubud, Bali
foto: dining room van Villa Sabandari in Ubud, Bali
Tijdens haar bezoek aan Bali was Tina redelijk gebiologeerd door het fenomeen ‘Ogoh-Ogoh’.
In de titel schrijf ik dit meervoud met een kwadraat teken; dat is normale praktijk in het Bahasa Indonesia. Een pisang is een banaan en pisang² (spreek uit pisang-pisang) zijn dus bananen. Een beetje raar maar wel logisch.
Op de avond voor ‘Nyepi’, de dag van de stilte, trekt een stoet met grote monsters op bamboe staketsels en gedragen door de dorpsjeugd, door de straten van de Balinese dorpen en steden. Op kruispunten draaien ze rondjes om de boze geesten, gepersonifieerd door de monsters, het spoor bijster te maken. Later worden die monsterbeelden dan verbrand en zo, symbolisch, vernietigd.
De 24 uren die volgen op die rituele verbranding mag niemand op straat, mag er nergens licht branden, er is geen lawaai, er wordt niet gekookt, er vertrekken of landen op heel Bali geen vliegtuigen. De boze geesten zullen op die manier voor de gek worden gehouden. Ze zullen Bali links laten liggen want daar woont blijkbaar toch niemand. De Pecalang, de burgerwacht zeg maar, ziet scherp toe op het naleven van deze verplichtingen.
Het maken van de monsters vraagt weken van gezamenlijke inspanning. Opnieuw een activiteit die het groepsgevoel versterkt en zo mee de basis vormt van het sterke Balinese sociale weefsel.
Tina heeft de opbouw van de ‘Ogoh-Ogoh’ in verschillende fasen gefotografeerd. Van bij het eerste ruwe vlechtwerk tot en met het griezelige resultaat.
Wat lezen we nu in een lokale krant net na Tina’s vertrek?
![]()
Inderdaad, er bestaat een concreet plan om een boek te geven over het fenomeen ‘Ogoh²′; gestoffeerd met foto’s. Er is een wedstrijd uitgeschreven om foto’s, films en ander grafisch materiaal te gaan beoordelen en een selectie te maken voor opname in het boek. Eerste prijs Rp 5.000.000.
Hierna de foto’s die we hebben ingestuurd voor de wedstrijd.
Naar mijn bescheiden mening is het volgende ticket Amsterdam – Denpasar – Amsterdam zo goed als binnen.
Ik houd u op de hoogte.
![]()
St Andrew’s Cross Spider in de bloemen achter het zwembad.
Dirk in Villa Sabandari
De galerij op de site vindt u hier http://www.sabandari.com/gallery.asp
Een stand-alone versie hieronder. De tekst valt in dit formaat wat klein uit. Op de website zelf is dat geen probleem. Enjoy!
Elk restaurant van enige faam heeft een toprecept. Hun vaste klanten komen telkens weer om datzelfde gerecht te proeven.
Volgens mij wordt Willy’s Labutaart de culinaire standaard van Villa Sabandari. Nu al smeken de gasten om het recept.
Jullie bloglezers zijn geprivilegieerd en krijgen in première de uitgeschreven versie van deze Indonesische pompoentaart.
800 gr. geschilde, ontpitte en in grove stukken gesneden pompoen (de smaak en de kleur van de taart zal iets verschillen afhankelijk van het gebruikte soort pompoen. Willy gebruikt liefst oranje Hokkaidopompoen of groene kastanjepompoen)
3 eieren
150 gr zachte boter
250 gram bloem
250 gram bloemsuiker
50 gr volle melkpoeder
vanille-essence
Verwarm de oven voor op 180°.
Stoom de stukken pompoen goed gaar.
Klop met de mixer de eieren, bloemsuiker, boter en een scheutje vanille-essence tot een luchtige gladde massa.
Voeg langzaam de bloem en het melkpoeder toe.
Blijf mixen.
Roer met een houten lepel de gare pompoen tot moes en voeg een flinke snuif zout toe.
Meng deze pompoenmoes met de bloemmassa.
Stort het mengsel in een beboterde taartvorm.
Zet 30 minuten in een oven van 180°.
![]()
Wandeling 01 – Vanuit Villa Sabandari naar Petulu
Lengte: ongeveer 6 km
Duur: ongeveer 2,5 uur
Moeilijkheidsgraad: De trajecten tussen de rijstvelden zijn lastig door het oneffen en glibberig terrein. Stevig gesloten schoeisel is nodig.
Horeca: winkeltjes met frisdranken en lokale snacks
Zon en schaduw: afwisselend zon en schaduw
Loop linksom rond het domein van Villa Sabandari (zie kaart punt 1) door het rijstveld naar de tempel. Neem voor de tempel het pad naast het irrigatiekanaaltje. Je houdt deze richting ongeveer een kilometer aan, de rijstvelden aan je linkerhand en een palmbomenstrook aan je rechterhand. Het pad is een aaneenschakeling van smalle dijkjes die na een regenbui behoorlijk glibberig zijn. Nu en dan overbrug je een flink hoogteverschil. De rijstboeren lopen vlotjes over de paden maar niet iedereen is die elegantie gegeven. Doe het liever wat trager en voorzichtig als je met droge voeten wil thuiskomen.
Het uitzicht van een rijstveld hangt samen met de fase van de oogst. Lichtgroen na het uitplanten van de jonge stekjes, donkerder als de planten volgroeid zijn. Na het oogsten liggen de velden er modderig bij. Eenden snateren dan op de dijkjes op zoek naar overgebleven rijstkorrels. De laatste dagen voor het planten veranderen de velden in vlakke waterspiegels waarin de kruinen van de kokospalmen reflecteren.
Maar de opgehoogde paden tussen de velden blijven altijd begaanbaar en worden goed onderhouden want het zijn de toegangswegen voor de boeren.
Bij elk rijstveld staat een zuiltje voor de rijstgodin Dewi Sri. In de verschillende fasen van de rijstcyclus worden hier offers gebracht om haar gunstig te stemmen. http://www.nissaba.nl/godinnen/dewi-shri.php
Na een kilometer steek je de velden over in de richting van twee huizen. Je loopt onder een houten terrasuitbouw van het tweede huis over een betonnen muurtje dat de oever vormt van een irrigatiekanaal. Wat verder wordt dit muurtje smaller en moet je over een afvoerbuis kruipen. Ga rechts en onmiddellijk weer links. Hou met andere woorden dezelfde richting aan.
Links een paar varkensstallen. Rechts een tempel. De oppervlakte van de velden is hier veel kleiner, het lijken meer moestuinen. Ter hoogte van de tempel neem je een betonpad links over een bruggetje. Het pad wordt breder en slingert over een diep smal ravijn. Bij een klein tempeltje aan de linkerkant kom je uit op een bredere asfaltweg met huizen. Ga op de T-splitsing linksaf (zie kaart punt 2).
Wat verderop in deze straat kom je voorbij een warung (koffieshop/winkeltje waar je drank en snacks kan kopen). Volg deze asfaltweg ongeveer 200 meter tot bij de tempel. Op het kruispunt bij het Ganeshabeeld neem je rechts.
Net voorbij een bocht naar links ligt het Kamandalu Resort & Spa met daarnaast het Viceroy Hotel.
Het asfaltpad wordt een aardeweg tussen rijstvelden (zie kaart punt 3). Bij helder weer kan je in de verte links een bergketen zien. Na een kilometer kom je uit op een asfaltweg bij een paar huizen en een wasplaats (zie kaart punt 4).
Blijf deze weg volgen die bij een warung een haakse bocht naar links maakt.
Neem 100 meter verderop bij een beeld en een tempel (zie kaart punt 5) een zijweg naar rechts. Loop linksom rond een open paviljoen en de tempelgrond. Je passeert een winkeltje en een privéhuis. Volg het pad dat links de hoek omgaat langs een blinde muur. Bij een warung op de hoek van de straat (zie kaart punt 6) ga je links tot op een drukkere weg en dan rechts (= richting Tegallalang). Volg deze drukkere weg gedurende 1,2 km. Je kan in de shops een enorme variatie aan ambachtswerk bekijken. Na 700 meter kom je voorbij een school aan je linkerhand. Wat verder aan de rechterkant zie je Andre Artshop. Net voor het gebouw met het bord Kantor Kelian Banjar Dinas Sapat aan de linkerkant ga je een smal pad in (zie kaart punt 7). Struikel niet over het bouw- en ander afval. Na een scherpe bocht naar links daalt het pad tot aan een bruggetje over een diep ravijn. Aan de overkant stijgt het pad steil naar links tot je aan de rand van een rijstveld komt. Blijf dit pad volgen tussen rijstveld en ravijn. Als je achter je kijkt zie je over de rijstvelden heen de heilige berg Agung. Het pad draait scherp rechts bij een schuilhut van de rijstboeren. Wat verder kom je, na een sprongetje over een irrigatiekanaal, op een asfaltweg met aan de overzijde een visreservoir. Volg deze weg naar links en je komt probleemloos in Petulu.
’s Avonds vanaf vijf uur verzamelen hier de witte reigers (Kokokan) van Bali om de nacht door te brengen in de bomen. De legende gaat dat deze vogels de reïncarnatie zijn van de duizenden communisten die in 1965 werden omgebracht.
http://www.travelmarker.nl/bestemmingen/azie/indonesie/geschiedenis/historie.html
Fietstour 01 – Naar Tegallalang
Lengte: ongeveer 23 km
Duur: ongeveer 3 uur
Moeilijkheidsgraad: Asfaltweg met één kilometer hobbelige zandweg. Tot in Kampung Café een overwegend stijgend parcours met een paar pittige hellingen. De terugweg is vlakker.
Horeca: Veel warungs. In Kampung Café kan vanaf 11u geluncht worden.
Zon en schaduw: overwegend schaduw
Rij naar beneden tot aan de T-splitsing. Neem rechts en steek bij de rode lichten het kruispunt met het standbeeld over. Je bent in de hoofdstraat van Ubud (= Jalan Raya Ubud). Neem de vijfde zijstraat rechts (= Jalan Sri Wedari) recht tegenover Cafe Moka (zie kaart punt 1). Deze weg blijf je ongeveer vijf kilometer volgen. Het is een rustig slingerende asfaltweg met in het begin veel frangipanibomen. Na 1 km verlaat je de stad en kom je in de velden. Bij helder weer zie je in de verte Gunung Agung (de heilige berg). Aan de linkerkant van de weg ligt een dichtbegroeide ravijn. Weer een kilometer verder kom je in het dorp Tegallantang, waar je een enorme baniaanboom kan zien bij de ingang van de Tempel Pura Dalem (zie kaart punt 2). ![]()
Het is een openbare tempel, dus als je een sarong omslaat mag je de tempelgrond bezoeken. Voor menstruerende vrouwen geldt een toegangsverbod. Aan de overzijde van de Pura Dalem ligt een bescheiden tempel die gebruikt wordt voor ceremonieën in verband met de dood.
Wat verder in het dorp ligt het atelier van Widya. Hier kan je workshops batik volgen.
Negeer voorbij het dorp de zijweg naar rechts en daal af onder overhangende reuzenbamboes.
De weg wordt bochtig en schaduwrijk. In het dorp Bentuyung volg je de pijl met Matahari Bungalows naar rechts (zie kaart punt 3). Na een sterke daling komt een klim. Je komt op een hoogplateau met aan het einde het voetbalveld van Kelabang Moding. In het dorp heb je de keuze uit een aantal warungs waar je iets kan drinken. Op een T-splitsing ga je rechts naar beneden tot bij de mandi (wasplaats) en daarna weer naar boven. Op je linkerkant zie je rijstterassen.
Je passeert Villa Orchid en bij een V-splitsing rij je links, wat verderop bij een T-splitsing weer links (zie kaart punt 4). Rechts voor je zie je weer Gunung Agung. Na wat stevig dalen en klimmen kom je bij een T-splitsing op de drukke weg tussen Ubud en Tegallalang (zie kaart punt 5). Je neemt links. Tegalallang is een aaneenschakeling van winkels met vooral veel houtsnijwerk. Bij het buitenrijden van het dorp ligt aan je rechterhand het aangename Kampung Café (zie kaart punt 6). Ingericht met veel hout en met een uitzicht over een groene helling met rijstterrassen is het een ideale plek om een flinke pauze te nemen. Je hebt ongeveer de helft van de route achter de rug.
Vanuit Kampung Café keer je terug naar het centrum van Tegallalang. Op het kruispunt met aan je rechterhand Pasar Umun, sla je rechts in (zie kaart punt 7) . Je rijdt in de richting van een gsm-mast.
Waarschijnlijk zie je in de buurt van Tegallalang manden in de berm met kemphanen. Hanengevechten zijn in Bali nog altijd erg populair.
Aan het kruispunt met rechts de bale banjar, een open paviljoen waar de inwoners van de buurtgemeenschap samenkomen, ga je links (zie kaart punt 8). Je komt voorbij een school. Bij een tempel stopt de asfaltweg. Rij hier rechts de onverharde landweg in (zie kaart punt 9). Blijf deze hobbelige weg een kleine kilometer volgen. Je passeert een mandi (wasplaats) links en een hotel (in aanbouw) rechts. Je rijdt hier tussen de rijstvelden. Een beetje voorbij een bruggetje kom je op een T-splitsing waar je rechtsaf rijdt (zie kaart punt 10). Dit stukje deed je daarstraks in de andere richting. Negeer de zijweg rechts (zie kaart punt 4). Op je linkerhand kom je voorbij een warung met een luchtig terras. Negeer ook de linkerzijweg naar Petulu (zie kaart punt 11). Op de hoek heb je bij Warung ‘D’ nog een mogelijkheid om te rusten.
De resterende vijf kilometer blijf je op dezelfde lichtglooiende asfaltweg. Tot een paar jaar terug was dit een landweg tussen de rijstvelden. Nu is het nog een rustige weg maar de bebouwing rukt stilaan op. Je komt voorbij meerdere hotels en villa’s. Aan je linkerhand ligt Ubud Botanic Garden (50.000 Rp.) (zie kaart punt 12). Overvloedig tropisch groen met als verrassing een doolhof.
Voorbij de tuin rijd je nog twee kilometer tot de hoofdstraat van Ubud waar je links gaat. Het kruispunt met het standbeeld steek je schuin rechts over. Neem Gunung Sari naast de groene kledingzaak en honderd meter verderop links het weggetje naar Villa Sabandari.
Wandeling 03 – Vanuit Bunutan terug naar Ubud
Laat je in Bunutan afzetten bij de zijweg (zie kaart punt 1) met wegwijzers naar Hotel The Payogan. ![]()
We wonen nu ongeveer 10 maanden op Bali en toch heb ik pas twee weken geleden ontdekt dat we vanuit onze tuin ‘Gunung Agung’ kunnen zien. Het is de hoogste (3142 m) en heiligste berg van Bali, een actieve vulkaan waarvan de laatste uitbarsting dateert van 1964. Vergelijkbaar met de Olympus in Griekenland, beschouwen de Balinezen deze berg als de woonplaats van de goden en het centrum van de wereld.
Meer informatie hier http://nl.wikipedia.org/wiki/Gunung_Agung
De foto is genomen door Tina vanaf het terras van de kamer op het gelijkvloers, aan de kant van de sawah.